• 2005
  • 2006
  • 2007
  • 2008
  • 2009
  • 2010

Home > Over de Nierstichting > Verantwoordingsverklaring


Verantwoordingsverklaring

De Nierstichting onderschrijft de drie algemene principes van de Code Goed Bestuur in het Reglement CBF-Keur die sinds 1 juli 2008 van kracht zijn, te weten:

1. Toezicht houden, besturen en uitvoeren
2. Optimale besteding van middelen
3. Omgang met belanghebbenden.

De Nierstichting streeft ernaar zo goed mogelijk invulling te geven aan de intenties die in deze drie principes zijn verwoord. Deze zijn van toepassing op de wijze waarop goededoelenorganisaties inhoud geven aan het interne toezicht, de effectiviteit en efficiency van bestedingen en de relatie met belangrijke stakeholders. Hieronder lichten we per principe toe hoe wij invulling en/of uitvoering geven aan de intenties van deze drie principes.


Toezicht houden, besturen en uitvoeren
Het principe Toezicht houden, besturen en uitvoeren dwingt instellingen na te denken over de vraag of intern genoeg maatregelen zijn getroffen om te voorkomen dat beslissingen worden genomen die niet in het belang zijn van de organisatie. Zo staat de vraag centraal of de functie ‘toezicht houden’ voldoende gescheiden is van de functies ‘besturen’ en ‘uitvoeren’.

Binnen de Nierstichting is sprake van een heldere scheiding van taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden. De Nierstichting is een professionele organisatie met een hoofdkantoor in Bussum waar ongeveer vijftig personen in dienst zijn. Daarnaast heeft zij een achterban van 80.000 betrokken en enthousiaste vrijwilligers die ondersteuning bieden bij het realiseren van doelstellingen. Deze medewerkers en vrijwilligers worden aangestuurd door het managementteam van de Nierstichting. De dagelijkse leiding is in handen van de algemeen directeur. De Raad van Toezicht houdt toezicht op het beleid van de directie en op de algemene gang van zaken.
Samengevat:

Raad van Toezicht Alg. directeur Managementteam Medewerkers/vrijwillegers
Toezicht houden Besturen Beleid en aansturing Uitvoeren

Raad van Toezicht
De Raad van Toezicht vergadert zes keer per jaar met de algemeen directeur en de adjunct-directeur. Zij houdt toezicht op het gevoerde beleid en op de algemene gang van zaken. Ook staat de Raad van Toezicht de algemeen directeur en de adjunct-directeur terzijde met advies over beleidsvoornemens die andere zaken betreffen.
De raad bestaat uit minimaal zeven en maximaal negen personen. In 2009 waren dat:

 

  • Drs. W. Geerlings, voorzitter – lid Raad van Bestuur Medisch Centrum Haaglanden
  • Mr. R.A. Kleijn*, voorzitter auditcommissie – voormalig directeur-generaal ABN Amro
  • Drs. M.R. van Dongen, lid auditcommissie – financieel directeur Achmea Zorg
  • C. Th. M. van der Ouderaa* – Associate Positioneringsgroep/Management Consultancy voor Merkidentiteit en Strategische Positionering
  • Drs. P.B.A. Dirks – oud-lid Raad van Bestuur KBB, oud-lid Raad van Bestuur Publieke Omroep, voorzitter PNO Ziektekosten, Commissaris van de Persgroep Nederland en Commissaris Intres
  • Mr. M.H.J. van den Horst – advocaat BarentsKrans N.V., Den Haag
  • J.B. Mulders – oud-directeur van het Nationale Ballet
  • M.J.F.M. Verhoeven** – directeur van marketing adviesbureau MVCM
  • Ir. B.F. Dessing** – oud-bestuursvoorzitter St. Antonius Ziekenhuis Nieuwegein en oud-voorzitter zorgverzekeraar VGZ-IZA-Trias-Unive


De leden van de Raad van Toezicht worden benoemd en ontslagen door de Raad van Toezicht. Bij de benoeming van leden speelt een evenwichtige spreiding van gewenste disciplines – gezondheidszorg, marketing, bedrijfsleven, juridische zaken en financiën – een belangrijke rol. De leden dienen te beschikken over algemene bestuurlijke kwaliteiten en affiniteit te hebben met de doelstellingen van de Nierstichting. Ook wordt er op toegezien dat geen sprake is van familie- of andere persoonlijke relaties met directieleden. De leden van de Raad van Toezicht ontvangen geen bezoldiging, maar komen wel voor een onkostenvergoeding in aanmerking. Zij worden benoemd voor een periode van maximaal vier jaar. Daarna kunnen zij eenmalig worden herbenoemd voor een periode van maximaal vier jaar.

In 2008 heeft de Nierstichting een auditcommissie ingesteld. In deze commissie hebben de directeur, de controller en twee leden van de Raad van Toezicht zitting. Deze commissie heeft tot taak de Raad van Toezicht te adviseren over het financiële beleid. De auditcommissie beoordeelt de jaarrekening, financiële beleidsvoorstellen, het functioneren van interne systemen op het gebied van risicobeheersing en controle en bespreekt de jaarrekening met de accountant. De commissie vergadert minimaal één keer per jaar en heeft tussentijds schriftelijk contact. De commissieleden worden benoemd door de Raad van Toezicht en tenminste de helft is ook lid van de Raad van Toezicht. Zij worden benoemd voor een periode van vier jaar. De commissie krijgt ambtelijke ondersteuning van de controller van de Nierstichting.

Een inhoudelijke toelichting op de taken en verantwoordelijkheden van de Raad van Toezicht en de algemeen directeur van de Nierstichting is vastgelegd en bekrachtigd in de statuten van Nierstichting Nederland.

Directie en managementteam
De dagelijkse leiding is in handen van algemeen (statutair) directeur Paul Beerkens. Dit betekent dat de Nierstichting een eenhoofdig bestuur heeft. De algemeen directeur is eindverantwoordelijk en legt verantwoording af aan de Raad van Toezicht, die verantwoordelijk is voor de beoordeling van het functioneren, de vaststelling van het salaris en voor de benoeming c.q. het ontslag van de algemeen directeur. Samen met het
managementteam stelt de directeur het beleid van de Nierstichting vast. Het managementteam vergadert twee keer per maand. Het managementteam bestaat uit:

  • Paul Beerkens, algemeen directeur (statutair)
  • Drs. Tom Oostrom, hoofd sectie Beleid en adjunct-directeur
  • Mr. Tom van Otterloo, hoofd sectie Marketing & Fondsenwerving
  • Drs. Paulien Pleijter, hoofd sectie Communicatie & PR
  • Jan van Zijtveld, controller


In verband met het bereiken van de 65-jarige leeftijd neemt Paul Beerkens in de zomer van 2010 afscheid als algemeen directeur van de Nierstichting. Per 1 augustus zal Tom Oostrom, de huidige adjunct-directeur, hem opvolgen.

De algemeen directeur vertegenwoordigt de Nierstichting in de Coördinatie Groep Orgaandonatie, een adviescollege van de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en zit de werkgroep voor die onderdelen van het Masterplan Orgaandonatie implementeert. Daarnaast is hij bestuurslid van de Nederlandse Transplantatie Stichting en van de International Federation of Kidney Foundations. Ook vertegenwoordigt hij de Nierstichting
in de Stichting Loterijacties Volksgezondheid. Hij is bestuurslid van de Ingeborg Douwes Stichting, gericht op psychisch-sociale hulpverlening aan kankerpatiënten en hun familie.

De adjunct-directeur is uit hoofde van zijn functie voorzitter van de commissie Preventie van de Sectie Gezondheids Fondsen (onderdeel van de brancheorganisatie VFI), bestuurslid van de Nederlandse Public Health Federatie (NPHF), de European Kidney Health Association (EKHA), de Stuurgroep LekkerLangLeven en lid van de Raad van Toezicht Kidneys for Kids (KIK).

Optimale besteding van middelen
Het publiek vindt het belangrijk dat elke gegeven euro goed wordt besteed. Het principe optimale besteding middelen betekent dat een organisatie zich inspant voor een effectieve en doelmatige realisering van haar doelstellingen, door middel van optimale besteding van de middelen. De Nierstichting besteedt haar middelen enerzijds aan uitgaven voor de doelstelling en anderzijds aan kosten voor de organisatie, zoals wervingskosten en beheer en administratiekosten.

Uitgaven aan de doelstelling
De Nierstichting werkt aan een toekomst met zo weinig mogelijk nierziekten en een betere toekomst voor nierpatiënten. In haar meerjarenstrategie heeft zij de belangrijkste speerpunten voor toekomstig beleid in kaart gebracht. Om haar inhoudelijke doelstellingen zo efficiënt mogelijk te verwezenlijken, toetst de Nierstichting deze aan de beleidsvoornemens die zij in haar programma’s heeft vastgesteld. Deze programma’s kenmerken zich door heldere probleem- en vraagstellingen, gerichte investeringen, helder geformuleerde prestaties en een projectmatige aanpak die de voorwaarden schept voor vernieuwing. Zodra een innovatie is ontwikkeld, trekt de Nierstichting zich terug en wordt deze in de praktijk geborgd.

Een programma heeft in principe betrekking op een periode tussen vier en acht jaar. Elk najaar wordt de voortgang van het programma geëvalueerd en worden nieuwe beleidsintenties vastgelegd in een jaarplan. Dit plan omvat concrete en meetbare doelen voor het desbetreffende jaar, evenals de projecten om deze doelstellingen te bereiken. Ook bevat een jaarplan een overzicht van budgetten en resultaten op project-, doelgroep- en
activiteitenniveau. Daarnaast wordt de voortgang van lopende projecten regelmatig geëvalueerd. Projecten die gedurende de looptijd niet blijken te voldoen aan de eisen van de Nierstichting worden tussentijds stopgezet. Aan de basis van projecten staat een aanvraag uit het veld of een eigen initiatief van de Nierstichting. Aanvragen uit het veld worden beoordeeld op criteria als relevantie, kwaliteit en haalbaarheid. Ook de vraag of een project vernieuwend is, over voldoende draagvlak onder projectpartners beschikt en de kosten-batenverhouding is hierbij van belang. Verder wordt bekeken of de financiering van zulke projecten een taak is van de overheid of andere partijen en of derden als cofinancier kunnen optreden. Deze verplichting voor het zoeken naar co-financiers is in eerste instantie belegd bij de aanvragers van projectsubsidies. Daarnaast onderzoeken de programmamanagers
van de Nierstichting of sprake is van partijen die mogelijk een financiële bijdrage willen leveren.

De regie over de realisering van een programma is in handen van een programmacommissie van de Nierstichting. In de voorbereidende fase – de onderzoek- en formuleringfase – werkt de Nierstichting samen met de Nierpatiënten Vereniging Nederland. Een programmacommissie wordt geadviseerd door een externe adviesraad met relevante deskundigen. De Nierstichting beschikt over vier adviesraden: de Adviesraad Preventie, de
Adviesraad Kinderen met een Nierziekte, de Adviesraad Patiëntenzorg en de Wetenschappelijke Raad. Zij hebben een adviserende rol bij de beoordeling van de projectaanvragen. De adviesraden bewaken met name de kwaliteit van projecten. De leden zijn voornamelijk afkomstig van maatschappelijke organisaties en het onderzoeksveld en zijn deskundig op het gebied van ontwikkeling en implementatie. Zij ontvangen voor hun adviserende werkzaamheden geen vergoeding. De directie van de Nierstichting draagt adviesraadsleden voor. Alle adviesraden werken op basis van een statuut. Zie voor een uitgebreid overzicht van de adviesraden het online jaarverslag 2009 op www.nierstichting.nl.

De directie en Raad van Toezicht evalueren jaarlijks de meerjarenstrategie. Daarbij spelen adviezen van partners van de Nierstichting een belangrijke rol. Vandaar dat elk jaar een strategisch overleg gehouden wordt, waarvoor de voorzitters van de adviesraden, voorzitters van relevante beroepsverenigingen en de nierpatiëntenvereniging, en de leden van de Raad van Toezicht worden uitgenodigd.

Organisatiekosten
De Nierstichting streeft er naar om de organisatiekosten zo laag mogelijk te houden. Zo heeft de Nierstichting een aantal ondersteunende diensten in eigen beheer en besteedt zij andere uit. De criteria voor eigen beheer of uitbesteding zijn:

  • Behoort de betreffende ondersteunende dienst tot de core business van de Nierstichting?
  • Is de kennis van de betreffende ondersteunende dienst relevant om in huis te houden ten behoeve van een optimale bedrijfsvoering?
  • Beschikt de Nierstichting zelf over voldoende deskundigheid om de gewenste kwaliteit te garanderen?
  • Is het in eigen beheer houden kosteneffectief?


Op basis van deze criteria is bijvoorbeeld besloten om het beheer en onderhoud van de database, de donateuradministratie en de financiële administratie binnenshuis te houden. Voor ondersteunende diensten die wij in huis hebben zoeken wij afstemming en werken waar mogelijk samen met de Nierpatiënten Vereniging Nederland (die bij ons in het kantoorpand zit). Ook doen we de salarisadministratie voor een collega fonds.
Bovendien streeft de Nierstichting ernaar daar waar mogelijk samen te werken met andere gezondheidsfondsen. Zo is op initiatief van de Nierstichting een gemeenschappelijk contract afgesloten voor de verzending van post, en voeren wij overleg met de fondsen om te verkennen op welke backoffice activiteiten nog meer samengewerkt kan worden.

Omgang met belanghebbenden
De Nierstichting onderschrijft ook het derde principe van de Code Goed Bestuur. Wij zijn er namelijk van doordrongen dat een breed draagvlak en steun – zowel financieel als niet-financieel – vanuit de maatschappij onontbeerlijk is om onze missie te realiseren. Alle mensen die zich betrokken voelen bij het werk van de Nierstichting leveren op hun manier een waardevolle bijdrage aan het realiseren van onze doelstellingen en deze relaties verdienen daarom voortdurend onze aandacht.
Het gaat dan niet alleen om burgers en bedrijven die de Nierstichting financieel steunen – zoals donateurs, collectanten en sponsoren – maar ook personen en organisaties die (vakinhoudelijk) betrokken zijn bij onze doelstellingen, zoals wetenschappers, beroepsbeoefenaren, politici en uiteraard nierpatiënten en hun naaste omgeving.
Bovendien worden donateurs, collectanten en andere belanghebbenden steeds kritischer in de keuze van het goede doel dat zij willen steunen. Vandaar dat het des te belangrijker is onze doelstellingen helder en duidelijk over het voetlicht te brengen. Hoe besteden we ons geld en vooral welke resultaten bereiken we hiermee? Allemaal wezenlijke vragen waarbij we ons rekenschap moeten geven van de verwachtingen van onze belangrijkste doelgroepen.

Beleidsvisie Relatiemanagement
Hoewel relatiebeheer met donateurs, vrijwilligers en professionals al jarenlang deel uitmaakt van onze werkzaamheden, was het beleidsmatig en organisatorisch nog onvoldoende verankerd. Een constatering die de noodzaak duidelijk maakte van een duidelijke visie op een integraal en samenhangend beleid op het gebied van relatiemanagement, zodat we onze bedrijfsvoering hierop beter kunnen afstemmen. In 2009 hebben we hier uitvoering aan gegeven door een visie te ontwikkelen met betrekking tot relatiemanagement én een nieuw CRMsysteem te selecteren dat in 2010 geïmplementeerd zal worden.

Uitgangspunt van onze beleidsvisie Relatiemanagement is:
De Nierstichting streeft optimale relaties na met belanghebbenden. Hieraan geeft zij invulling door gerichte communicatie en door te luisteren naar wensen, ideeën en behoeftes van deze partijen met als doel draagvlak te creëren en zo te kunnen werken aan het realiseren van de doelstellingen/missie van de Nierstichting.

We hanteren bewust het begrip belanghebbende omdat we hiermee denken het beste uitdrukking te geven aan het feit dat er sprake is van wisselwerking tussen de Nierstichting en onze belangrijkste doelgroepen. Wij hebben baat bij de steun van individuen en organisaties, dankzij hun steun is de Nierstichting in staat haar doelstellingen te realiseren. Omgekeerd hebben deze mensen en partijen – in meer of mindere mate – ook een belang bij de Nierstichting. We realiseren ons dat voor een goede wederzijdse relatie het belangrijk is dat deze belangen en behoeften op elkaar aansluiten.

Om invulling te geven aan ons relatiemanagement hanteren we een aantal concrete uitgangspunten:

  • Relaties worden onderhouden op een wijze die in het belang is van beide partijen, zowel de belanghebbende als de Nierstichting.
  • Communicatie – in de breedste zin van het woord – gebruiken we als instrument om de relaties aan te gaan en levendig te houden.
  • We hanteren een klantgerichte en proactieve opstelling. Hieraan geven we invulling door een adequate en tijdige informatie voorziening, heldere profilering en een integere en maatschappelijk verantwoorde benadering.
  • We zorgen voor voldoende mogelijkheden voor interactie en dialoog.
  • We houden rekening met een aantal kwalitatieve eisen aan de communicatie (herkenbaar, open, eerlijk, actueel, duidelijk, etc.)
  • De keuze van (communicatie)middelen wordt goed afgestemd op de doelgroepen en doelstellingen. We zetten hiervoor meerdere vormen van communicatiemiddelen in, afhankelijk van doelgroep, doel en inhoud.


Dialoog
Om goed invulling te kunnen geven aan onze uitgangspunten met betrekking tot relatiemanagement vinden we het belangrijk om ons meer in onze relaties te verdiepen en een duidelijker beeld te krijgen van hun verwachtingen. Bij de concrete invulling van het beleid voor relatiemanagement geven we dus niet alleen aandacht aan instrumenten waarmee we informatie verstrekken – nieuwsbrieven, folders, brochures, websites en mailings – maar óók aan middelen waarmee we een beeld krijgen van de wensen, behoeften en ideeën van onze doelgroep. Belanghebbenden moeten gehoord worden om daarmee hun betrokkenheid te vergroten. We willen ons dus (nog) ontvankelijker opstellen voor wensen, vragen en klachten. In 2009 hebben we hiervoor de interne procedure ‘Vragen, suggesties, kritiek, klachten’ opgesteld die in 2010 geïmplementeerd zal worden.

Ook hebben we in 2009 een online Klantenpanel opgezet met donateurs en collectanten van de Nierstichting. De informatie die we uit deze klantenpanels krijgen helpt ons om beter in te spelen op de verwachtingen van onze donateurs en collectanten en daarmee hun betrokkenheid met de Nierstichting te vergroten.